Zondag 2 oktober 1983, Grand Island, Nebraska.

De ochtend brengen we door in het Stuhr Museum of the Prairie Pioneer. We kunnen weer van alle kanten bekijken, hoe de mensen hier een eeuw geleden leefden. We maken een rit met de stoomtrein begeleid door flink gefluit. Er is een verzameling antieke auto's, tractoren en landbouwgereedschap.

 

's Middags op de camping, wassen, auto poetsen ed. Lekker in de zon.

 

Maandag 3 oktober 1983, Grand Island, Al's Autoparts Servicecenter, Nebraska

Om 8 uur staan we bij de Dodge garage. Die stuurt ons door naar een truck garage Deze stuurt ons op zijn beurt weer door naar Al's Autoparts. Een onafhankelijke autotruckgarage,. Klein maar goed, wordt ons gezegd.

Om 1 uur kunnen we terecht. De auto komt vandaag niet meer klaar, maar we mogen er overnachten. Naar het winkelcentrum om onze tijd te beiden. Leen heeft een advertentie gezien voor een echt goedkope minicomputer. Er zit een addertje onder het gras: Eerst de volle hap betalen, een kaart sturen naar Texas Instruments en dan krijg je over een paar maanden je korting toegestuurd. Jammer, niet dus. We kopen wel een extra dikke slaapzak, een joggingpak voor mij en boeken voor ons allemaal. Nog even boodschappen doen en dan naar de garage.

Er wordt direct begonnen. Het is een hele klus. De monteur en baas zijn aardig. Ze werken hard. De monteur werkt zelfs over tot 9 uur 's avonds. De kinderen zijn lief, gedragen zich goed achterin de RV. We hebben onlangs op een garagesale een spijlenrekje van een bedje gekocht. Dit hekje staat nu halverwege, zodat ze nog aardig speelruimte hebben, maar niet naar voor of naar buiten kunnen.

Er is hier een verschrikkelijke vliegenplaag. Werkelijk honderden. Na spuiten vegen we een blik vol op.

 

Dinsdag 4 oktober 1983, Ogallala, Nebraska.

Vanaf half 8 ligt onze monteur weer onder of boven de motor. De auto heeft meteen ook een grote beurt gehad. Kosten totaal $ 430 voor al het werk en de onderdelen. Een zeer redelijke prijs vinden wij. De garage zaterdag daarentegen heeft ons wel een poot uitgedraaid met zijn dure apparatuur. Maar enfin, het is 10 uur. We rijden weer . En hoe! Stukken soepeler dan voorheen.

We schieten flink op. Dik 200 mijl.

We staan nu op een 'boeren'camping. Naast ons wordt mas geoogst. Zeer interessant voor Paco natuurlijk. We leven weer een uur vroeger sinds vanmiddag. Het is hier Mountain Time. We zitten echt in the Mid West. Plat land met mas of gras, koeien en/of paarden daarop. Het is helder weer, maar koeler. Vannacht een onweersbui met regen gehad. We naderen het koufront.

 

Woensdag 5 oktober 1983, Scotts Bluff, Nebraska.

Op tijd weg. Langs Lake Mc Conaugby. Onverwacht leuk en boeiend. Een blauw meer, heel aparte begroeiing, allerlei grassoorten.

 

Daarna een canyon-achtige omgeving. Een apart gevormd stuk rots blijkt later Chimney Rock te zijn. We stoppen er. Mateo trekt zich niet veel aan van Chimney Rock. Hij geniet van het lekkere weer en maakt vol trots zijn eerste wandelingetje helemaal los! ! !

 

 

We komen bij Scotts Bluff, National Monument. Weer een boeiende expositie over de geschiedenis van het Wilde Westen. Paco voelt zich er de Pioneer of the Far West. De Trail naar Scotts Bluff is op de bergpas. Het monument is van ver herkenbaar. Wij gaan met de motorhome naar boven. Daarvoor schaffen we ons een Golden Eagle pasje aan voor $ 10. Hiermee kunnen we tot 31 december alle Nationale Monumenten gratis bezoeken. De tocht omhoog gaat door 3 tunnels. Tot groot plezier van Paco en Mateo (Wat een leuke berg!). Op Scotts Bluff lopen we de trail. We kunnen in de verte Chimney Rock herkennen.

 

 

 

 

In Scotts Bluff op zoek naar de Riverside State Area camping. Die ziet er erg leuk uit met zowel een speeltuin als een dierentuin erbij. Helaas gesloten. De dierentuin is gelukkig wel open en vandaag vrij toegang. Dat is weer onverwacht leuk voor iedereen. Omdat het zo toch nog laat geworden is gaan we maar naar de KOA camping. Zoals altijd duur, maar deze keer ook nog zeer kaal en ongezellig, bovendien direct naast de weg en spoorlijn.

 

Donderdag 6 oktober 1983, Larive Lake Resort, Hot Springs, South Dakota

We vertrekken uit Scott Bluff City. Het is er verschrikkelijk droog. Op de camping is alle begroeiing compleet verdord. Ook langs de route verdroogde velden met pompoenen, meloen, mas en groenten. Wat een triest gezicht. Vanaf Mitchell nemen we een weg noord. Erg eenzaam. 56 mijl lang: No services!. We zien het golvende prairie landschap. Gras, gras en nog eens gras. Niet groen, maar geel! Af en toe heel veel koeien bij elkaar. Halverwege nemen we een onverharde afslag van 3 mijl naar Agate Fossil Beds. Er lopen een aantal Muledeer te grazen.

 

Bij het Visitorcenter bekijken we een interessante expositie en een slide presentation. Daarna wandelen we naar de fossielbedden. We halen de eerste. Voor Paco een hele prestatie. Het wandelen gaat iedere dag beter. Onderweg zien we  een ratelslang  (nadat de ranger eerder zijn littekens van levensgevaarlijke beten had laten zien). Meer onschuldig zitten er ook hopies grasshoppers (sprinkhanen).

 

 

Verder naar Hot Springs. Het landschap verandert. Er verschijnen groene dennen op het grasland. De Black Hills , inderdaad zwart gesteente, komen in zicht, Er groeien Pines op. Ineens zitten we in de bergen. De hele dag schitterend mooi weer.

 

Vrijdag 7 oktober 1983, Rapid City, South Dakota

Vandaag evenementendag! Het is stralend weer bij het opstaan. Al snel bereiken we Cave Wind National Park. Meteen zien we allerlei dieren in het wild rondlopen. Buffels, berggeiten en werkelijk honderden prairiedogs, heel grappige beestjes. We stuiten zelfs op een coyote. Hij loopt kreupel, waardoor hij niet zo snel beweegt.  We hebben alles op film. Het Wind Cave Visitorcenter is als gewoonlijk interessant. Dan gaan we de grot in. De mooiste grot tot nu toe voor ons. Vooral Box Carve. Voor Paco weer een hele prestatie, 450 treden af en op. Een tocht van anderhalf uur achter de ranger aan. Ook voor Leen inspannend, want hij heeft Mateo voornamelijk voor zijn rekening genomen.

 

 

We rijden door naar Custer. Het bewolkt. Bij het informatie centrum horen we dat de school over een half uurtje een parade door de stad houdt. Paco noemt het carnaval. Alles is versierd in de kleuren van het sportteam. Er is een queenie. De schoolband rijdt voorop in een vrachtauto, dan volgen wat versierde wagens en de brandweer met 3 autos vol kinderen. Heel leuk!

In de regen rijden we naar het Crazy Horse Monument. Bij de poort draaien we om. We vinden het te duur en ik denk niet interessant genoeg. Verder naar Mount Rushmore.

Het regent nog steeds. Er valt zelfs NATTTE SNEEUW!! Mount Rushmore valt ons tegen, Waarschijnlijk hebben we er tevoren al te veel van gezien. Maar je moet er geweest zijn en het blijft erg imposant. Inmiddels is het al half 5, nog steeds regen en natte sneeuw.

Keystone blijkt super toeristisch, hoewel nu niet druk. De verschillende campings zijn open, maar zo ongezellig! We besluiten verder te rijden. Oh schrik! Net buiten de stad in de bocht ligt een sportauto tegen de rotsen en over de kop. We zien dat de lichten nog branden. Pas gebeurd! Het ziet er akelig uit. We draaien terug om de politie te waarschuwen in het dorp. Weer er langs, de politie komt er net aan. Gelukkig, we kunnen verder. Uiteindelijk vinden we in Rapid City een open camping, redelijk van prijs.

Paco begint Amerikaans te leren, al is het nog wel eens moeilijk. Vanmorgen zei hij: Die generator stoot zijn hoed. Hij bedoelde de ranger. Lief toch!

 

Zaterdag 8 oktober 1983, Rapid City, South Dakota

Gisteravond hebben we Zwitsers op bezoek gehad. Ze reizen nog tot eind dit jaar met een piepklein tentje. Brrr.... Ze hebben zich opgewarmd bij onze kachel.

Vanmorgen rijden we over de Highway naar de Badlands. Nog een heel eind, wel de moeite waard. Ook het Visitorcenter is natuurlijk weer bijzonder.

 

 

Daarna bezoeken we Wall Drug, nieuwsgierig geworden door de ontelbare reclameborden. We vinden het maar kitsch. Zeer commercieel ook. De familie heeft er goed mee geboerd.

Het is goed te merken, dat we in n van de grootste vakantiegebieden van Noord Amerika zijn. De ene attractie na de andere. Het is off season, dus wij zien wel mensen, maar niet overdadig. We krijgen de indruk dat het in de vakantiemaanden hier afgeladen vol is. We staan weer terug op de camping van gisteren. Ik ben een cake aan het bakken met het ouderwets gemalen meel en de honing van de oude ambachtendag in Nashville. Benieuwd of het lukt, want alles is op de gis en in de braadpan!

 

verder naar week 41