Zondag 8 maart 2020, van Tarsouat naar Icht. 90 km, 3 uur inclusief stops.  

Negen uur. Afscheid van 'de Chef'. De poort gaat open. In het dorp nog wat boodschappen en dan kunnen we.

Meteen klimmen en een hoge pas op. Wauw! Dik 2000 m plus. Dit is de Anti Atlas.

5 overstekende hertjes. De hoogvlakte kaal en stenig. Af en toe een kudde geitjes. Een paar verloren staande ezeltjes.

          

Door Izerbi. Veel nieuwbouw.

In de weidsheid nieuwe argan- en olijvenaanplant. Zonnepanelen. Bevloeiing. Alles voor de duurzame ontwikkeling van Marokko, meldt een bord.

Linksaf komen we op een mooie nieuwe, grof asfalt weg. Ook deze aangelegd in het kader:  ontwikkeling regio Souss Massa.

Thoffie op de verlaten, wat rotsige bulten erop,  hoogvlakte.

Tomesita kent de R107,  maar nog niet het nieuwe asfalt. Volgens haar doen we over de 65 km tot bestemming 4 uur! Ze wil ons daarom 100 km laten omrijden. Poeh! Mooi niet.

We stoppen bij een diepe kloof, links van de weg.

De weg leidt er helemaal in. Minstens 20° daling. Grand Canyonwaardig. Wauwwauw!

     

           

             

Het dorp Igmir beneden. Een palmenoase.

           

Verderop de Palmeraie Igmir Smouguen. Oud verlaten leem en sjieke nieuwe huizen.  Nog zo'n Palmeraie en weer een pasje omhoog. Dit is het laatste nieuwe stuk R107, pas vorig jaar opengesteld.

         

          

              

       

          

       

Gelukkig maar, anders hadden we nog 15 km wasbord door de rivierbedding gereden,  ipv erboven.

Het blijft spectaculair landschap. Wat een wegenbouwkundig kunstwerk, deze nieuw gemaakte weg. Leen's professionele hart springt ervan op.

We dalen steeds meer en geraken weer in de bewoonde wereld. Door een paar dorpjes. Veel gezwaai weer. Iedereen is open en vriendelijk. Ook de dames lachen ons breed toe, zonder hun sluier voor het gezicht te houden.

             

           

Linksaf de R102 op. Nog 15 km tot bestemming. We zijn de Anti Atlas uit en rijden nu aan de rand van de woestijn, al zien we er nog niet veel van.

      

Het dorp Icht door, ligt iets van de weg  de gekozen camping.

Wind, stuifzand en gelukkig ook veel palmen. We vinden een mooie plek en parkeren schuin op de wind tussen de dadelpalmen. De vruchten hangen klaar voor de pluk.  Musjes kwetteren rondom. Een gastvrije ontvangst van Nordin (die naam kennen we nog niet). Nog meer vrolijke jongelui maken het zwembad schoon. Een man op een ezeltje rijdt over de camping. De douches zien er simpel maar functioneel uit. Geen übernette camping, meer een jaren 70 municipalletje, dan wel met stevige Marokkaanse touch.  Wij houden van dit sfeertje.

          

         

Camping Hotel Amerdoul, MAD 80 all in. Icht.

          

Maandag 9 maart, Wandeling door de Palmeraie, de oude Kasba en dorp Icht, 6 km.

Met 5 campers op de ruime rustige  camping.  2 vertrekken er. Een busje komt erbij. Wij lopen achter de camping de uitgebreide Palmeraie binnen. Overal wordt gewerkt op de bevloeide akkertjes tussen de palmen. Vooral luzerne wordt gesneden. Over smalle paadjes en af en toe op de muurtjes van de irrigatiekanalen zoeken we onze weg.

          

          

          

We doen een extra ommetje langs de rivierbedding. Hier staat een legertruck in. We zagen wat soldaten lopen en zitten. Geen oefening, maar wat dan? Een docker komt aangescheurd en balanceert gevaarlijk over het schuine pad naar beneden.

Uiteindelijk steken we over en aan de andere kant door een stuk waar zwartgeblakerde palmen staan,  lopen we zo op de kasba af.

             

Er wordt nog  gewoond. De meeste huizen van pisé (leem), maar begrijpelijk wordt er verstevigd en aangebouwd met beton. Helaas missen we de pisé moskee, die er nog moet zijn. Het is een labyrint van nauwe, soms overkapte steegjes.

       

           

Op een pleintje staat het volgeladen tapijtenvrachtautootje geparkeerd. Een man zit tegen de muur een kunststof kleed te vlechten.  Deze vloerkleden worden overal gebruikt, ook door camperaars. In het dorp komen we verschillende jongemannen tegen, die met een  paar kleden op de schouder lopen te leuren, cq bestelde exemplaren afleveren.

In het 'moderne' dorp blinkt de nieuwe moskee ons tegemoet. We vragen ons af, wie daarvoor dokt. In heel Marokko staan overal tiptop verzorgde moskeeën. Saudi Arabië of de Marokkaanse overheid?

2x duiken we een petieterig overvol winkeltje binnen, maar geen vers brood. Ze verwijzen ons verderop. We vinden het niet.  

Uiteindelijk scoort Leen een broodje op de camping. Nog op de pof ook, want er kan niet worden gewisseld!

Leuk authentiek dorp, met een geheel eigen sfeer en een fijne camping .

         

Camping Amerdoul, Icht.

       

Dinsdag 10 maart, van Icht naar Tata 145 km.

Afscheid op Amerdoul, een nog warm groot rond brood mee.

Linksaf de R102 op. Na een km gaat die op in de N12. Dubbelbaans, goed en nauwelijks verkeer. Wat een weidsheid. Een bord waarschuwt voor ezels, geiten en dromedarissen, hier kamelen genoemd. We zien geiten en ook kamelen.

We rijden niet ver van de Algerijnse grens, echt op de rand van de Sahara. Nog geen zandduinen, alleen tegen de rotskartels verzamelen zich hoopjes.

       

         

Na een 30 km 3 dorpjes na elkaar, natuurlijk bij een Palmeraie. Een déviation. Door de rivierbedding tot de brug klaar is.

           

          

De verlatenheid weer in. Zelfs hier rijdt de gasauto! Tijd voor thoffie.

            

Igdi, weer een Palmeraie. Flink bevloeide groentevelden. Voor de lokale of de Europese markt? Vrouwen doen het handwerk zien we later. Een enkele man rijdt op de trekker.

       

Tisouine. Er wordt gebouwd aan een nieuwe moskee. Verder nog veel pisé huizen. Daartussen lokaal verkeer.

In Akka weer eens politiecontrole. Nu rammelen we er doorheen, maar er wordt druk gewerkt aan het verfraaien van het centrum.

       

Een groot militair complex. Regelmatig rijden er militaire voertuigen. Ook in de dorpjes zien we militairen.

Over de Oued Tata wordt ook een brug gebouwd. Wat een ontwikkelingen, vergeleken met 5 jaar geleden! Een ware inhaalslag op allerlei gebied.

Het wordt drukker. De omgeving zanderiger. We naderen Tata.

            

                

De Palmeraie Adis door. Weer een politiecontrole. Ook in Tigezmirt en aan het begin van Tata. We zijn weer in de bewoonde wereld. Hele hordes schoolkinderen op de fiets.

       

 

Dat herinneren we ons, net zo als de scherpe afslag omlaag over de ouad tot de camping.

         

Dezelfde jongeman verwelkomt ons. Hij wil ons liefst boven. Ok dan. Iets minder uitzicht, maar in het hoekje wel lekker vrij en op de  wind, want het is hier goed heet.

Terwijl Leen inschrijft, maak ik een rondje over de terrassen. Drukker dan de vorige keer., maar niet propvol. Meer begroeiing en bloemen. Er zijn zitjes en gastnomadententen bijgekomen. Nog steeds leuk hier.

          

Camping Hayat MAD 85, Tata.

           

Woensdag 11 maart, langs de rivier en dorp 7 km.

Een hete (32°)  dag gister. Het bleef nog lang warm, maar vanmorgen is het afgekoeld tot 14°. Om de hitte voor te zijn gaan we al op tijd aan de wandel. Langs de rivier weg, met de bedoeling verderop over te steken naar de kasba. Na een overstroming is er echter een aarden wal gekomen. Over het begroeide, best hoge, dammetje trekt niet zo. Bovendien voelt Leen zich niet top. We keren om en volgen de weg naar het dorp.

           

Terwijl Leen in de schaduw wacht, kijk ik even bij  CP-Hotel Relais des Sables. Er is een grote verbouwing van parkeerplaats en hotel bezig. De CP wordt verhard en misschien ook meer voorzieningen, dat wordt niet helemaal duidelijk. Volgens een summier Frans sprekende man moet het volgende week klaar zijn. Lijkt me stug. Zal eerder volgend jaar zijn.

      

In het dorp scoren we al snel yoghurtjes naturel. Daarna dwalen we eerst door het kleine dagelijkse soukje links, daarna kopen we fruit en groente in de langgerekte straat vol kraampjes rechts.

             

           

         

 

Tegen dat we terug zijn is het weer al tegen 12en. De dagen vullen zich vanzelf. Er staat meer wind, het kwik blijft steken op 27°. Prima!

Camping Hayat, Tata.

          

Donderdag 12 maart. Wandeling 7 km.

Ook vandaag met de ochtendkoelte op pad. Deze keer bovenlangs de camping weg. Een dorpje door.

Aan het eind over een zandpad boven en beneden bij de rivier. De 1e oversteek zijn we al lang voorbij.

We volgen voetafdrukken tot we toch weer doodlopen op een nauwer stuk met overhangende rots.

Even voorzichtig. Leen haalt een nat voetje op een wegglijdende steen, maar is zo wel op een rotsige eilandje.

Ik volg. Nog een brede stap over het hier smalle stroompje en we kunnen 'overstag' een steile zanderige helling op.

Beetje smerig hier. 'Poepoe nature' plus huisvuilstort vanaf de woningen boven. Op straat aangekomen nemen we een kijkje bij camping Palmier. Het overwinterdeel nog volle rijen. Aan de overzijde van de straat rustig en veel leuker.

Door een paar groene parkjes bereiken we het eind van de 'soukstraat'. We kopen groente en fruit bij dezelfde kraam. Het is er druk, niet duur en gaat er gezellig aan toe.

           

Ook de overige boodschappen van ons lijstje vinden we zonder problemen. Van de  wekelijkse souk, die volgens Capitool vandaag moet zijn, merken we niets. Misschien ergens buiten de stad?

Te vroeg voor een middaghap lunchen we thuis. Zodra  een handwasje hangt en de dagelijkse klussen gedaan, wacht ons een zalige leesmiddag. Schaduw of zon. Het kan allebei. Een verfrissend windje. Helemaal goed.

Camping Hayat MAD 85, Tata.

        

Vrijdag 13 maart, van Tata via Tissant naar Foum Zguid 140 km.

Met alle anticoronamaatregelen in Nederland en vele landen in Europa lijken wij redelijk goed te zitten. Er zijn nu 6 Coronapatiënten in Marokko bekend. Allen met een link naar  Italië en de laatste naar Frankrijk. Het warme weer werkt ook positief, wb anti verspreiding, zegt men. Voorlopig reizen we rustig rond, al geven we geen handjes meer en bezoeken we geen supergrote steden. Tegen 11en kwam het bericht binnen, dat Marokko en Spanje besloten hebben alle vlieg- en ferryverkeer tussen beide landen tot nader order stil te leggen. Op dit moment kunnen we dus niet het land uit. Gelukkig waren we dat ook nog niet van plan. In het zuiden zijn tot nu toe geen gevallen bekend én het is er heet. Dat lijkt gunstig.  We proberen in goede conditie te blijven en zijn alert. Het is zoals het is.

Gistermiddag draaide de wind en ging het vlagerig waaien. We stonden redelijk gunstig, maar grote stofwolken wervelden over de camping. Tegen de avond ontstond er bewolking. Het koelde daardoor snel af.

Bij het opstaan is het windstil en schijnt de zon als vanouds. We maken ons klaar voor vertrek. Een Duitse camper van het benedenterras staat al te ronken om onze ruime plaats in te nemen.

Het rustige dorp door. We slaan alweer water in.

De leegte in. Open en  stenig landschap.  Nauwelijks verkeer. De N12 lijkt eindeloos, maar voor ons niet saai. Steeds wisselen de rotsen van aard, kleur  en reliëf. Dit traject reden we 5 jaar geleden ook. Door de vele regen stond toen de woestijn in bloei. Er werd overal groen gesneden. Nu is het echt dor, hoewel de meest droge rivierbeddingen toch meteen te herkennen zijn aan wat stoffige struiken cq palmen.

Het NKC alternatief, bij  Akka Ihren binnendoor, nemen we niet. Na 30 km gaat t over in ezelpad, zeggen ze laconiek.

           

We rijden verder en zoeken het (vorige keer gemiste) plateau boven de watervallen op. Tijd voor thoffie. Onze overbuurtjes uit Tata, Wilfried en Ria parkeren even later. Daarna nog 2 Franse campers. Volle boel hier, tot plezier van een nieuwsgierig mannetje en een paar passerende dames. Wauw! Een mooie plek, maar we blijven niet.

        

Het laatste stuk is  er veel stof in de lucht. De op een tajine lijkende afgetopte heuvel komt maar wazig door. Een paar droms op zoek naar hier en daar wat groen. Om te bikken en soms een beetje schaduw.

       

        

Over een Oued worden we over de oude doorgang gestuurd. De brokstukken van de nieuwe liggen  er naast.

Foum Zguid doemt op. Door de mooie toegangspoort het dorp in. Wat een nieuwbouw daar achter.

        

De toegang naar de camping staat aangegeven. Het toont nog net zo vervallen.

Er staan wel meer campers. De baas is ff  weg. We installeren ons op een schaduwrijk plekje. Even later komen ook RenW aan. Nog plaats genoeg.

          

Tegen 5en lopen we naar het dorp. Vroeg voor het avondleven en zeker op vrijdag.  Het is nog erg rustig. Toch begint hier en daar al wat open te gaan.

De Kasbah iets opzij laten we zitten. Rond de rotonde hebben al wat sieradenverkopers hun waren uitgestald. Gewoon een kleedje op de grond.

           

Het terras van Chegaga ziet er uitnodigend uit. Haha onze buurtjes zitten er al aan de dinde brochettes. Prima keus. Lekker gekruid eten en leuk stadsverkeer, recht tegenover de uitgaande moskee.

De ober vertelde ons dat de watersituatie door de langdurige droogte overigens zeer zorgelijk is. Het district is verdeeld in zones en ieder krijgt maar een beperkt aantal uren per dag water. Dat merk je ook op de camping. Vanmorgen verbaasden we ons op Hayat al over een Fransman die zijn camper uitgebreid schoongespoten had. Hoe egoïstisch en kortzichtig! Niet verder gezeurd.

Teruglopend merken we alweer, net als overal in het zuiden, hoe open, vrolijk en vriendelijk, iedereen naar ons is, zonder bijbedoeling.

Ondanks de onzekerheid omtrent het coronaverloop hebben we het weer goed. De situatie is zoals die is. Dat kunnen we niet veranderen, alleen er zo verstandig mogelijk mee omgaan en per dag bekijken.

Camping Khayma MAD 70, Foum Zguid.

           

Zaterdag 14 maart. Wandeling door Palmeraie, Kasbah en dorp. 5 km.

We blijven nog een dagje. Ik haal de bedden af en kan volgens Abdul wassen in het handmachientje. Het water loopt echter zo traag, dat ik het maar uitstel tot elders, waar hopelijk meer water is.

Dan toch aan de wandel. Buiten de camping rechtsaf. Bij de 1e zijstraat weer rechtsaf de Palmeraie in.

Wat is het ook hier droog en stoffig. Nergens horen we water lopen. De akkertjes liggen er kaal en dor bij. Ook de palmen ogen vaal.

 

Verderop toch een paar groene luzerne en tarweveldjes. Hier glanzen de palmen ook meer. Waar komt dat water vandaan?

 

Pas op het eind zien we wat water in een  gootje staan.

          

 

Dan zijn we al zowat bij de verlaten Kasbah. We volgen de voet en fietssporen naar binnen, hoewel het er hier en daar zeer krakkemikkig uitziet. Alleen vogeltjes en een enkele poes komen we tegen.

           

             

 

Pas aan het eind is bewoning in enkele versterkte huizen en staat een mooi beschilderde Riad (herberg).

In het dorp 'hamsteren' we yoghurt nature, waar het kan. De voorraad gesuikerde met allerhande smaakjes is altijd veel groter. Nog wat groente en een zjuutje. Bij Chegaga zit het vol toeristen. Op de rotonde een rij toeristenSUVs en busjes. Waar komen die vandaan?

Bij de Riad verderop worden we begroet door een Duitse Herder in de deuropening. Da's ook niet mijn ding. Jammer voor Leen, dan maar in ons eigen huisje een drankje.

 

Op de camping is het superrustig. Nadat gisternamiddag de 3 grote campertrucks vertrokken en vanmorgen nog enkele, zijn we  met 3 campers achtergebleven. 1 Frans busje, een Duitse truck en wij.

 

Camping Khayma MAD 70, Foum Zguid.

           

verder naar week 12