Zondag 29 april 2018, OP Mare Publico, 45 Lei, Budeasa (Piteşti), Roemenië.

Nadat we er al dagen tegen aan kijken, dan nu toch echt de Karpaten over. Opschieten doet het niet. De 73 is slecht, maar het landschap prachtig. Steeds meer bergop. Deze oversteek is lager dan de Transalpila en de Transfăgăraşului (weet niet of ik dit juist schrijf). De laatste  2 zijn op de hoogste passen (2000+) nog steeds gesloten vanwege sneeuw. De Pasul Bran is 1290 m hoog. Prachtige uitzichten zijn evengoed ons deel.

         

          

            

           

Na Rucăr wordt het rustiger dalen tot we in vlakker gebied terechtkomen. Hier geen Saksische huizen, maar vaak hout of met mooi bewerkte houten veranda's en balkons, daarboven een dak met punttorentje.

         

Een groot voordeel is dat er vandaag geen vrachtverkeer op de weg zit. Wel maken veel Roemenen een toeristisch tripje tijdens dit vrije weekend.

        

De bevolking is gemixt. Roma mengen zich hier moeiteloos. Ook zij bouwen stapsgewijs aan hun huizen. Vaak herkenbaar aan de boogvormige, bijna Arabisch aandoende ramen en versierde veranda's. Vaak ook aan de paard en wagen voor of op het erf en soms doordat het geheel wat rommeliger aandoet.

Voor Piteşti nemen we een landelijke weg, het dorp Budeasa door. De coördinaten brengen ons op een P aan het kleine stuwmeer. Er is dagrecreatie en er staat een caravannetje. De wc's en douches zijn oud en  zeer simpel, maar wij vinden dit een pracht plekje om de middag relaxed door te brengen. We hebben net  honderd km in 3 uur afgelegd. In het café restaurant vooraan betalen we voor een nacht 45 lei of € 10.

Later komen we erachter dat dit niet het Little Prince complex is. Daarvoor hadden we nog een paar zijstraatjes verder gemoeten. Maakt ons niet uit. We staan prima!

            

Maandag 30 april 2018, OP Mănăstirea Maglavit (Calafat), Roemenië.

Gisteravond was het gezellig met relaxende en, opmerkelijk, slechts frisdrank drinkende groepjes, vergezeld door muziek uit de autoradio. Tegen donker vertrok iedereen. Wat bleef waren de geluiden van krekels en, minder gezellig, tegen elkaar opblaffende honden. Ook vannacht verstoorden ze regelmatig de rust. Toch een prima plek.

Vroeg op stap. Om 9 uur door de stad Piteşti. De vele hoogbouw lijkt een erfenis uit het communistische tijdperk.

We hebben een dikke 200 km voor de boeg. Heuvelend hoogland door een absoluut niet toeristisch gebied. Grote akkervelden. Het lijkt wel of er niemand woont. Af en toe een hangar met een verzameling landbouwwerktuigen  of een vervallen groep schuren.

            

      

Bij de stad Slatina ook vervallen bedrijven en fabrieken. Soms staat er een nieuwe fabriek naast.

     

Het dorp Balş daarentegen heeft groene lanen. Een opmerkelijk verschil.

Van de grootste stad,  Craiova, die we vandaag passeren zien we ook niet veel meer dan lelijke grauwe hoogbouw. Tomtom leidt ons knap om het centrum heen.

Tomesita heeft meer moeite om onze bestemming te bereiken. Ze stuurt ons in Maglavit kriskras over onverharde straatjes, maar bij het klooster komen we niet. We keren terug  en nemen de volgende zijweg. Verhard én met verwijzing naar het klooster! Tja, het staat zo duidelijk vermeld bij de Campercontact commentaren. Daar waren we nog niet aan toegekomen.

         

               

Afijn! We staan weer prima bij een klooster. Tijdens onze late lunch horen we eerst de  typische metalige hamerklopjes en even later klokgebeier. Nog wat later klinkt gezang. De dienst begint. Net zoals het klooster waar we bij binnenkomst in Roemenië overnacht hebben, genieten we mee. Alleen horen we nu vrouwenstemmen.  Dit is een nonnenklooster, vrij nieuw nog. Er zijn gastenverblijven bij denken we. De Donau, grensrivier tussen Roemenië en Bulgarije ligt op loopafstand. Wij hebben de puf er niet meer voor. Het was weer een inspannende rit.

         

           

Dinsdag 1 mei 2018, Camping Madona (N 43.620872, E 22.693006) BGN 20 (€ 10), Belogradčik, N-W Bulgarije.

Zeer rustig en donker was het vannacht voor het klooster van Maglavit, nog net in Roemenië.

Het is maar een kippeneindje tot de grens. We schuiven aan. De paspoorten worden minutieus bestudeerd én gekopieerd. Daar ontkom je hier niet aan. We worden daarna doorgewuifd. Zonder paspoort rijden we geen meter! Haha misverstand. 1 meter verder, aan hetzelfde bureau is weer een loketje. Daar, bij de Bulgaren, krijgen we ons paspoort terug. Ze werken broederlijk samen. Bij een hokje 5 m verder betalen we 27 Lei (€ 6) tol voor de nieuwe grensbrug over de Donau. Vroeger moest je met de pont over.

        

Op goed geluk rijden we de grensstad Vidin binnen. We hebben geld en een tolvignet nodig en ik wil graag de burcht bezoeken. De bordjes brengen ons door wat vervallen (1e indruk), maar groene straten tot de Baba Vida, de Burcht aan de Donau. Het is pas 9 uur, dus nog niet open, hoewel de souvenirverkopers al paraat staan.

       

        

Terwijl ik rondloop heeft Leen via Tomtom een Raffeissenbank gespot. Langs het centrum rijden we erheen. Er is nog weinig verkeer. Alles gaat nogal bedaagde. We kunnen parkeren langs de straat en we hebben onze Leva (enkelvoud: Lev). De stad uit, bij de 1e benzinepomp scoren we het tolvignet 30 lev (€ 15)/1 maand.

        

Bulgarije here we come! Het is wennen aan het Cyrillisch Schrift. Gelukkig in de grensstreek nog ondertiteld. Natuurlijk is Tomesita hierbij onontbeerlijk. Het is rustig op de wegen, vrijwel geen vrachtverkeer,  maar dat kan ook aan de 1 mei (vrije dag) liggen. De natuur daarentegen overgroen en na de stad Dimovo ook meer heuvelachtig omhoog.

          

We gaan niet ver vandaag. De 70 km halen we net niet. Ook de secondaire (gele) weg naar Belogradčik is verrassend goed van kwaliteit. Wel valt de vele rommel in de bermen op. Laat niet als dank.... is hier nog niet doorgedrongen. Het geheel doet ook wat verwaarloosder/armer aan naar ons idee. Tijdens de thoffie voor Belogradčik zien we boven de stad al de 1e rode zandsteenformaties oprijzen met daarachter besneeuwde bergtoppen. Door het stadje rijdend rondom ons indrukwekkend gevormde rotsen. Het is de kunst een P te vinden.

            

De ingetoetste camping is nog 14 km. Dan zie ik een vaag houten bordje  bij een weggetje omhoog. Camping Madona. Zo heet onze keus toch ook? Even verder kunnen we stoppen en ik wandel erheen. Langs een bosrand met houten trekkershutjes omhoog eindig ik  op een asfaltterrein voor een huis. We zijn welkom wordt me in moeizaam Frans uitgelegd. Dat doen we. Draaien en installeren. Dit is een veel betere locatie om stadje en rotsformaties te bezoeken. Gastvrij welkom. De douche en wc simpel, maar nog snel schoongemaakt. De prijs inclusief alle voorzieningen. Deze mensen verdienen meer gasten. We zullen ze aanmelden bij Campercontact.

        

In de namiddag, wanneer de ergste hitte voorbij zou moeten zijn, klimmen we door het bos omhoog naar het stadje. Ook hier overal slordig achtergelaten (plastic) afval. Edoch de vogeltjes kwinkeleren, de veldbloemetjes tonen hun pracht.

           

We klimmen voorzichtig naar een paar uitkijkpunten. Oppassen dat je er niet dwars doorheen dendert.  Ook hier is het verval groot. Het uitzicht op de formaties geweldig.

In Belogradčik zitten tieners en ouderen buiten. We worden ongegeneerd aangestaard, maar als we groeten komt er reactie. De tienermeiden barsten uit in gegiechel als ik ze Ladies of the village noem. Dat begrijpen ze dus. Ook hier grauwheid en slecht onderhoud naar onze begrippen. We lopen door het dorp ( met moskee) tot het fort, onderdeel van de rotsformaties.

          

Daar hebben we een leuk contact met de caissière. Ze kent geen  Engels of Duits, maar wel Spaans en straalt helemaal als ze de Cyrillische opschriften voor ons vertaalt. We kopen een wandel/fietskaart bij haar. Morgen kunnen we dan langs de meest aansprekende formaties en het fort bezoeken. Hasta manaña! Op de terugweg shoppen we bij de groentevrouw en in een klein overvol supertje. Het is toch weer een pittige wandeling geworden, vooral door de benauwde hitte vandaag.

De douche op de camping is zeer simpel, maar zalig om de vermoeidheid te verdrijven. Dik tevree met dit campinkje, waar we weer eens de enige gasten zijn.

        

Dinsdag 2 mei, Camping Madona, Belogradčik, Bulgarije.

Gisteravond viel er na wat gerommel een licht buitje. Vanmorgen schijnt de zon weer. Het is nog lekker fris wanneer we om half 10 de camping aflopen voor de Seven Wonders Bicycle route. Eerst linksaf een stuk over de weg wandelen. Er passeert regelmatig een auto, dat is minder. Rondom ons rijzen de rotsformaties weer al op. Bizarre vormen. We herkennen dieren en mensenkoppen.

Dan rechtsaf het bos in. Nu hangen er roodwitte lintjes, rode stippen en zelfs regelmatig een infobord. Dit is beslist geen fietsroute voor ons.

We passeren een waterbron en volgen het bredere pad. Geen zin in brandnetels en boomstammen over een stroompje.

We voelen ons plakkerig. Het blijkt van rupsjes, die overal aan zijdedraadjes hangen. We worden ingesponnen, terwijl de rupsjes zich met piepkleine tentakeltjes op ons hoofd, T-shirt en bij Leen zelfs zich één  aan zijn been vastprikt.

Ondertussen lopen we tussen de meest bizarre okerkleurige zandsteenvormen door, maar hebben we ook oog voor het kleine, o.a. vlindertjes in verschillende kleuren en een als een mitrailleur ratelende specht.

Hagedisjes ritselen tussen de bladeren, een prachtig fluorescerend exemplaar ligt dood met zijn buikje bloot. Later zien we eenzelfde levend, maar die laat zich lastiger fotograferen.

        

           

             

Na een paar uur lopen is daar ineens de muur van het fort. Achterlangs eromheen, voorbij de Sterrenwacht.

          

 

Op de P met toeristenkraampjes is het druk. Terwijl wij een drankje nemen worden 3 bussen gevuld met vertrekkende (Canadese) toeristen. Zodoende is het heerlijk rustig als wij binnengaan.

 

Het is vooral de combi van  fort en natuur, tezamen met het uitzicht, die het bijzonder maken.

          

Grappig is dat een St Bernhardmix hond ons begeleid en bewaakt. Hij doet dat door bij voorkeur voor ons neer te ploffen, zodat we nauwelijks kunnen passeren, dan voorbij te roetsen en weer voor ons de weg te versperren. Alleen het laatste stuk over een steile stalen trap kan ie niet mee. Hij wacht ons daar geduldig op en dan begint het spel van deze zelf opgeworpen gids opnieuw.

Weer buiten lusten we wel een hap. Die vinden we in de plaatselijke snackbar met schaduwrijk terras. Lekker makkelijk is dat we alles aan kunnen wijzen in de vitrines. Leen gaat voor veilig en neemt 2 smaken pizza. Ik wijs een kalkoenfilet aan. Dat gaat in een plastic bakje en wordt gewogen, daarna een bakje rauwkost, zelfde procedure en tot slot iets dat eruitziet als een gegratineerde groenteschotel. Daarvoor wordt een stenen bord gewogen, dan een plak van de ovenschotel erop, weer wegen en opwarmen in de magnetron. Inclusief drinken kost ons dat 9 Leva, ongeveer € 4,50. Het smaakt prima, vooral de tomaat, wortel, ui, augurk met dik gesmolten kaas erop. De kalkoenfilet neem ik maar mee.  Ik krijg er een plastic zakje voor. Het is veel te veel.

Het laatste stuk van deze bijzondere rondwandeling (12 km) brengt ons weer hoog door het bos naar de camping. Daar is het zalig buiten vertoeven. Iets meer wind en daardoor niet dat benauwde van gisteren.

        

            

Donderdag 3 mei 2018, CP bij Ivan, Lomsko Shose no 220a, 20 Leva (€ 10), Sofia, Bulgarije.

Na een hartelijk afscheid van de madame op Camping Madona verlaten we Belogradčik. Onze route vandaag wordt bepaald door verschillende te bezoeken bezienswaardigheden. Omdat er ons daar maar weinig campings bekend zijn hebben we geen idee waar we terecht zullen komen.

       

Over rustige grotendeels goede, behoudens af en toe een stuk verschrikkelijk oud slecht wegdek, 'gele' weg bereiken we Ciprovski Manastira.

           

         

Dit rustig gelegen kleine klooster werd in de 10e eeuw gebouwd, is zes keer in brand gestoken en evenveel keer herbouwd. De laatste renovatie is klaar. Bij binnenkomst lijkt het wel een museum met zijn oude houten wagens, een vitrine met klederdracht en de verblijven met gaanderijen. Ook zwaluwtjes  voelen zich hier thuis.

            

Het kerkje uiteraard vol met iconen. We nemen alleen een foto door de kerkpoort.

Nu we er toch zijn, rijden we verder tot het dorp Ciprovci tegen het Servische grensgebergte aan. Het is bekend om zijn natuurlijk geverfde wollen kilims (kelims). Als oud weefster en bekend met de kelimtechniek ben ik uiteraard zeer benieuwd naar deze tapijtjes. We rijden het dorp binnen

Het lijkt hier nog wel communistisch tijdperk. Verpauperde flats, waar toch nog mensen wonen. Propagandistische beeldhouwwerken alom. We zien echter niks dat met de weeftechniek te maken heeft en keren terug voorbij het centrum.

Later kom ik erachter dat ik niet goed gelezen heb. In Trotter wordt vermeld, dat de kilimfabriek na de revolutie gesloten is en de weefsels alleen nog in het museum te bewonderen en te kopen zijn. Dat museum hebben we, waarschijnlijk vanwege het cyrillische schrift gemist. Jammer, maar helaas! Gelukkig heb ik de foto's uit de brochure nog!

We hobbelen hetzelfde afstekertje terug en belanden bij de stad Montana op de rode 1/E79. Wat een rotweg! Een lappendeken tussen de gaten. Passerende trucks en auto's. Om de haverklap terug naar 60 km op de kruispunten en 50 in de dorpen. Niemand, behalve wij houdt zich eraan. Toch zien we diverse politiecontroles en snelheidsmetingen.

           

In de stad Vraca nemen we de afslag naar het dorp Zgorigrad in het Prirodenpark Vračanski Balkan. Ook hier vinden we niet wat we zoeken, nl een eco-wandelroute (dagtrip) naar een waterval. Ik hoopte er te kunnen overnachten.

Wel krijgen we na veel gehobbel over opgebroken weg een pracht stukje natuur tussen hoog oprijzende rotsen. Ook hier omkeren en mooi lunchen aan de rivier.

           

          

Terug op de 1 warempel een stukje snelweg. Maar ook hier plots 50 of 60 km borden en laser politiecontroles. Wees gewaarschuwd!

Gelukkig kunnen we voorbij Mezdra op de gele 16. Veel beter wegdek en een stuk rustiger. We ronden zo het Vračanski Balkanpark. Het bezoekerscentrum bij het dorp Lutjibrod zijn we voorbij voordat we het in de gaten hebben. We vangen nog net een glimp op van de Ritslite rotsformatie op, 3 natuurlijkgevormde parallelle stenen wanden.

De natuur is hier in de Iskarkloof  so wie so erg imposant.  Ik ben nu gespitst, maar toch komt ook de verwijzing naar het Cherepishki klooster nog onverwacht. Even verderop draaien maakt de smalle toegang een stuk makkelijker.

Volgens Trotter is dit één van de oudste kloosters (14e eeuw) van het land. Het ligt aan de Iskar en het is er erg rustig. Langs de oprit zie ik in de bomen allemaal roodwitte draadjes, kwastjes,  armbandjes en amuletten hangen. Ergens heb ik gelezen dat men dat doet om de lente te verwelkomen.

        

Dit klooster, ook weer de verblijven met gaanderijen en maar een kleine kerk.

Ernaast een kerkhofje. Wat een mooie rustgevende plek. De monnik die er zeer energiek rondloopt is van ora et labora (bid en werk). Op dit moment vooral aan het werk. Dat valt me toch op in deze orthodoxe gemeenschappen. Er wonen en werken vaak zeer jonge monniken of nonnen. Daarbij helpen/wonen ook leken, die ik inschat als 'kwetsbaar'. Een vorm van opvang/zorg misschien?

We zijn al aardig ver gekomen. Overnachten zou best kunnen hier, maar als we doorrijden zijn we zo in Sofia. Laat daar nu vlak bij de noordelijke rondweg een Cptje bij het meubelbedrijfje van een Bulgaarse medecamperaar zijn. Daar gaan we voor.

Steeds de Iskar volgend door schitterende natuur en verschillende stadjes en dorpen bereiken we onder toenemende bewolking de agglomeratie van Sofia. 10 km voor aankomst begint het te druppelen.

         

       

In de regen een stukje op de rondweg en een km drukke slechte toegangsweg en dan achter een benzinepomp (prima bewegwijzerd) een smalle toegangsweg, bereiken we het Cptje voor 4 campers. Er staan er al 5. We worden uiterst hartelijk verwelkomd door jonge zoon? en eigenaar Ivar. Welkom! Een personenauto wordt verzet en wij kunnen aanschuiven. Luxe is het net als op camping Madona ook hier niet, maar wat een hartelijkheid! 4 uur. Alweer stik tevree.

          

Curieus is het wel, bedenken we later. Sofia stond niet op het verlanglijstje van deze reis (bewaren voor een Noord Griekenlandreis), terwijl we zeker wel Budapest wilden bezoeken en daar kwamen we maar niet. Het kan verkeren in het camperleven!

           

Vrijdag 4 mei 2018, CP bij Ivan, Lomsko Shose no 220a, Sofia, Bulgarije.

Vanuit de camper tot het centrum kost ons exact 20 minuten. De metro is werkelijk razendsnel.

           

Wat een uitzicht meteen. Romeinse opgravingen, een moskee, het prachtige gebouw van de voormalige thermale baden. De koepels van de kathedraal verder weg  met de besneeuwde bergen daarachter.

       

We weten niet waar we eerst moeten kijken. Nadat we ons georiënteerd hebben pakken we de Trotterwandeling op. Zo beginnen we wat aan de rand. Zeg maar het volkse deel met overdekte markt. Voor  een bezoek aan de synagoge is een grondige check vereist. De laatste 2 net als de voormalige Spa in begin 20e eeuwse Bulgaarse revivalstijl.

            

            

Over een lange Bulevard tot de Leeuwenbrug. (De leeuw is hét symbool van Bulgarije).

Daar lopen we de langgerekte zgn. Vrouwenmarkt over. In de communistische tijd een gedoogplaats waar vrouwen hun overtollige groente, fruit, kruiden enz. konden verkopen. Ook nu wordt er nog levendig handel gedreven. Tijd voor thoffie bij een kioskje. Onderweg komen we ook nog de nodige kerken en andere gebouwen tegen. We hebben ogen tekort.

             

             

              

De Bulevard Vitosha wordt als de chique straat van Sofia beschouwd. Bekende merken en veel cafés en restaurants. We zijn toe aan wat rust. Een traditioneel restaurant met ook Engelstalig menu biedt ons dat. Het blijkt traditioneel op moderne manier. Het heeft trendy, wat duurder, vooral lokale klandizie. We passen er helemaal tussen ;-) We eten allebei heerlijk. 3x zo duur als van de week in Belogradčik. Samen voor wel € 15! De kwaliteit was er dan  ook naar.

            

          

            

           

Daarna zijn we zodanig fit, dat we de wandeling gewoon afmaken. Na het volkse en trendy deel komen we nu vooral langs formele gebouwen. Van het Nationaal Theater naar de Russische Kerk. Dan via de Nationale Assemblee en een Universiteitsgebouw naar de grote kathedraal met zijn gouden koepels. Binnen niet fotograferen. Het zag er ook maar donker uit.

           

            

              

          

Tot slot langs een Hollands muurdicht bereiken we het presidentieel paleis, waar we geen fut meer hebben om de traditionele wachten van dichtbij te fotograferen.

         

          

           

      

Dan zijn we weer al bij de uitgebreide, deels ondergronds en overkapte archeologische opgravingen bij het metrostation.

            

          

Wat een bruisende stad met erfenissen uit vele culturen is Sofia. Bovendien nog lang niet zo toeristisch als Praag of Budapest. Echt een aanrader!

           

Zaterdag 5 mei 2018, OP mixparking 6 Leva (€ 3), Koprivštica, Bulgarije.

Een perfecte CP bij Ivan om snel en veilig hoofdstad Sofia te bezoeken. Een gastvrij, rustig en veilig oord tussen verkeersdrukte en optrekkende metro. We hobbelen de paar kilometer terug naar de snelweg en sjezen met een ruime boog om Sofia heen. Na een uur bedenkt Leen opeens dat de wifi-antenne nog opstaat. Dat hopen we tenminste. Gelukkig!  Keurig vast aan het fietsenrek. Alles is er nog. Meteen maar thoffie!

We rijden met een omweg naar de 2e grote stad van Bulgarije Plovdiv om onderweg het openlucht museumdorpje Koprivštica te bezoeken. Het landschap steeds aantrekkelijker. Weinig bewoond gebied. Bij het plaatsje Gorna Malina (de naam zegt het misschien al) zien we een hele trits bruine molens.

Na kms door bos omhoog stuiten we in de afdaling op een groot gedenkteken van de opstand tegen de Turken in de 19e eeuw.

          

We doorkruisen 3 dorpen. Meteen rijden er naast auto's ook weer paard en wagen.

           

              

Na de afslag een mooi dal in,  rijden we weer heel alleen. Fotoborden kondigen restaurants en hotels aan. Naderen we echt een toeristische attractie? Aan de rand van Koprivštica strenge wachtverboden met wegsleepwaarschuwing voor overtreders. We draaien een grote P op. Er staan hier enkele auto's en een paar bussen. De vriendelijke Parkwacht verwijst ons naar de schaduw bij de rivier. Naast ons parkeren de Belgische studenten die we ook bij het Memorial spraken.

          

Terwijl Leen info verzamelt en betaalt kijken wij met verbazing naar de overkant van de rivier. Daar nadert een begrafenisstoet. Amai! Da's de coolste begrafenisauto die ik ooit heb gezien, zegt het meisje.

Vanaf de P lopen we langs de rivier  het authentieke dorpje in.

Volgens onze mini Marco Polo Bulgarije-gids ligt Koprivštica in een lieflijk dal van de Sredna Gora, de Anti-Balkan, dat wordt omgeven door beboste hellingen en doorsneden door 2 rivieren.

In het dorp een welhaast oneindige opeenhoping van prentenboekhuisjes uit de 18e en 19e eeuw.

           

Koprivštica is een tedere symfonie van natuur, kleur en bouwkunst. Het is bijna een wonder dat het zo ongeschonden is gebleven, want hier lag het brandpunt van de aprilopstand in 1876 tegen de Turken.

           

Tot zover de poëtische Marco Polo. Veel komt nog overeen. Inmiddels zijn er ook nieuwere huizen, maar als het ff kan wel in stijl.

           

We boffen, want afgaand op de vrolijke klanken komen we terecht bij de muziektent. Daar is een internationaal folklorefestivalletje aan de gang. Er zijn een paar Roemeense en een Poolse groep te gast. Daartussendoor zingen jeugdige lokale talentjes met zwiepende haren en in showpose a la Bulgary's  got  talent de sterren van de hemel. 

        

We genieten een poosje, maar vervolgen dan onze wandeling. Verderop rond de kerk is het niet opgeknapt, maar met nog veel authentieke details. We kopen in een klein supertje een paar bekers yoghurt.

       

 

Op de rand bij het toeristische deel schuiven we aan op het terras van een hotel/restaurant. Het eten een verrassing.

          

De frietjes bedekt met smeltende witte kaas krijgen we vooraf bij het pilsje en wijntje. Daarna komt voor Leen kipfilet in champignonsaus en voor mij vegi: een in alufolie gebakken plak witte kaas op bedje van paprika en afgetopt met tomaat,  vertaald een tuinierskaasje. Helaas de gekookte roomspinazie is niet verkrijgbaar. Vanavond dan maar wat extra groentjes. We eten evengoed heerlijk. Voor de prijsliefhebbers: omgerekend € 13. Daarvan neemt de drank een derde voor zijn rekening.

Langs alweer een gedenkteken, vol verse kransen keren we terug. Het is een feestweekend voor Bulgarije. Morgen 6 mei is het De Dag van het Bulgaarse Leger en de dag van Sint Georgius, de nationale heilige van Bulgarije. Ook hier bevrijdingsweekend en Onafhankelijkheidsdag.

Op de P is het druk geworden. We betalen nog wat Leva bij,  voor dit luttele bedrag mogen we hier 24 uur verblijven. Zelfs nu het druk is met auto's van dagjesmensen is dit een heerlijk rustige plek bij het ruisende riviertje en met uitzicht op het dorp. Deze mixP wordt ook aangemeld bij Campercontact.

           

verder naar week 19

        

.