Zondag 22 april 2018, 1. Centrum P CC sitecode 63960, € 12 voor 24 uur,Timişoara. 2. Camping Aurel Vlaicu, CC sitecode 11194 € 15,50.

Om 6 uur beieren de klokken ons wakker. Om 9 uur beieren ze weer. Terwijl wij de parking voor het klooster afrijden,  vult het zich met bezoekers voor de ochtendmis.

In een uurtje rijden we tussen koolzaadvelden en door dorpjes naar ons doel vandaag.

          

Timişoara is de 4e grootste stad van Roemenië en wordt Klein Wenen genoemd. Een dynamische universiteitsstad die een beslissende rol speelde tijdens de revolutie in 1989. Elk volk dat hier heerste heeft zijn stempel gedrukt. Hongaren, Ottomanen en Habsburgers. Daarbovenop een communistische laag.

Wij rijden probleemloos tot de P in het centrum. Het is er al druk, maar de behulpzame parkwacht dirigeert ons direct naar een ruime rustige (bus)plaats op de buitenzijde.

           

          

Het is hartstikke druk en gezellig in de stad. Er wordt een marathon gelopen. Vanaf de P de straat uit komen we direct op het Plein van de Vrijheid. Daar oa het voormalig Raadhuis met Arabische inscripties. De touristinfo blijkt verhuisd.

         

Verder lopend over de 30 december Boulevard, een drukke winkelstraat met oa ietwat vervallen barokke panden komen we bij de Orthodoxe Kathedraal. Volgens Trotter in sobere Neo-Byzantijnse en vrolijke Moldavische stijl (de koepels).

Iets naar rechts de Duitse kerk en gasthuis. Ook hier is een dienst aan de gang.

Langs een gesloten park komen we bij de rivier en achterom de kathedraal weer terug. Daar is het nog steeds een komen en gaan van mensen. Naast mannengezang klinken  er  nu ook vrouwenstemmen.

            

We dwalen verder door het Centrum, passeren het kasteel, nu een (gesloten) regionaal museum. Door een park bereiken we weer voetgangersgebied. Leuke winkelstraten met horeca.

         

Het Unirii plein is het hart van de oude stad en heeft zijn karakter aardig behouden. Echt leuk.

          

Inmiddels hebben we zonder plattegrond toch flink wat gezien van de bezienswaardigheden in Trotter vermeld. We zijn vlak bij de Parking. Het is mooi geweest. Het is nog te vroeg om te overnachten vinden we. We hebben hier precies 2 uur doorgebracht. Dat kost ons 8 Lei (€ 2)

Even probleemloos als we gekomen zijn verlaten we de uitgebreide stad over drukke brede baan.

We zwerven gezapig binnendoor (wij dan, de Roemenen daarentegen houden van snel en scherp passeren) richting Deva en zien wel hoe ver we komen.

Het is veel van hetzelfde. Deze streek is weinig toeristisch, daardoor ook geen CPs of campings. Tijdens de lunch besluiten we een camping in te toetsen voorbij Sebes, nog 180 km over autoweg.

         

Dat schiet op, maar helaas is na 50 km de autoweg nog in aanleg. Het landschap inmiddels heuvelachtig brengt dat ons  op een drukke bochtige weg in ontzettend slechte staat. Het vrachtverkeer is inmiddels ook weer op gang gekomen, dus leuk is anders. Een geschikte plek om vrij te overnachten zien we niet. We ontdekken een camping 50 km dichterbij. Dat scheelt.

De laatste 30 km daarvan is er ineens ook weer een stuk autoweg klaar. Tomesita brengt ons er onnavolgbaar over een dam in de buurt van de stad Deva heen. Na de afslag van de snelweg is het maar 5 km meer over de doorgaande weg en door het dorp  Aurel Vlaicu tot de goed aangegeven camping.

        

Een nauwe toegang, een hollebollig veld en een begroeting in het Nederlands van de jonge eigenaar. We zijn blij dat we er zijn. Zeer landelijk, rust en later een douche, want het was weer heet 27° vandaag.

       

       

Maandag 23 april 2018, 1. MIX P onder citadel (N 46.06287' E 23.57442) Alba Iulia, Transsylvanië.

2. Camping/pension Rudi & Ella € 12, Sălişte, Transsylvanië, Roemenië.

We twijfelen of we nog een dagje blijven op de camping in Aurel Vlaicu. Het is net te ver en te veel halfverharde weg om te fietsen naar de vesting van Alba Iulia vinden we.

Dus wordt het een toeristisch camperzwerfdagje. Ook Libby sturen we nog een keer vergeefs een dorpje in om binnendoor verder te gaan. Alras gaat het asfalt over in piste rijden.

Vlak boven Sebeş neemt Tomesita een abstecher. Dat lukt wel. In file stapvoets tot de Pennymarket. Daar schrijft een dame meteen ons nummer op. Niet langer dan 2 uur parkeren zegt ze streng. 1 km verderop blijkt de ingetoetste P overdruk vanwege een markt. Teruggedraaid  vinden we op de rotonde een rustige zijweg met Pplaatsen direct onder de vesting. Beter kan niet. Zou ook prima gratis overnachtingsP zijn.

          

             

De trap op meteen de 1e verrassing. Een prachtig houten kerkje. Erom heen lopend komt gezang  ons tegemoet. Een dienst is aan de gang. We werpen een blik binnen. Het zit vol biddende mensen. We trekken ons snel terug.

De poort van de vesting doet al indrukwekkend aan.

De bovenstad binnen de vesting verrast ons zeer. Wat een geschiedenis. Romeinen, Daciërs en meer. Wat een pracht. De renovatie is nog volop aan de gang. 1918 - 2018. Dit jaar wordt 100 jaar toevoeging aan Roemenië gevierd. Zelfs op maandag is hier toerisme.

           

Overal bronzen tafereeltjes die een tijdsbeeld weergeven. Wat verstopt in de kazematten vinden we een touristinfo. We zijn er helemaal alleen. Van de hartelijke Carmen krijgen we een schat aan kaarten en tips om te bezoeken in de rest van het land. Ze is blij dat we haar gevonden hebben, maar bekritiseert haar  bazen niet, zegt ze.

        

          

         

          

AL met al dwalen we een kleine 2 uur rond en nemen daarna de tijd voor de lunch. Het is echt superrustig op deze P, zeker achteraan en nog makkelijk bereikbaar ook.

        

Iets zuidelijker ligt Sebeş, een stadje met Saksische roots, waar je de resten vindt van stadsmuren en een schitterende Evangelische kerk uit de 13e/14e eeuw. Puf om er te voet op verkenning te gaan hebben we niet meer. We mijden echter de snelweg en nemen de DN1 door het centrum. We herkennen de Duitse bouw, vele kerken waaronder de Evangelische met groen blauw geruite dakpannen en ook nog een stuk muur met wachttoren. Nog veel meer kerken zijn er, waaronder ook een prachtig orthodox complex aan het water.

          

Verder rijdend over de DN1, het wordt steeds heuvelachtiger, doorkruisen we enkele mooie dorpjes. Vooral Miercurea Sibiuilui is bijzonder. Misschien wel Saksischer dan Sebeş.

          

Op de bergen voor ons ontdekken we sneeuw! Om Casa Rudi en Ella te bereiken doorkruisen we het ook al mooie dorp Sălişte. En hier zien we ook een verwijzing naar de Transalpine weg. Volgens Carmen een van de 2 adembenemende zuidroutes over de Karpaten heen.

        

Op de camping worden we net als gisteren vriendelijk in het Nederlands ontvangen.  Het grote verschil is echter dat hier alles zeer verzorgd en degelijk gemaakt is, terwijl het in Aurel Vlaicu op zijn zachts gezegd nogal een verwaarloosde boel was, waar alles met touwtjes aan elkaar hing. Na de rondleiding van Rudi installeren we ons als 1e campergasten van dit jaar. Stik tevree.

       

Dinsdag 24 april 2018, Casa Rudi & Ella Sălişte, Roemenië.

Een dag met afwisselend wolken en zon, onweer in de verte en wat druppels. Wat corvee en wat zaken te regelen. Verder doen we lui vandaag, want deze Casa is weer een erg prettige verblijfplaats. Alleen een wandelingetje door het dorp. Zowel van Rudi als bij de VVV krijgen we info. We zijn, zo aan de voet van de Karpaten, in een toeristisch aangename streek beland. Geschiedkundig ook zeer interessant. Maar dat is voor later.

         

           

            

             

           

            

           

             

               

Woensdag 25 april 2018, Casa Rudi & Ella,  Sălişte, Roemenië.

De zon is terug en wij gaan fietsen. Een tochtje door de Mărginimea Sibiului. Zo heet dit gebied ten westen van de stad Sibiu, waarin we ons nu bevinden. We plannen een dorpenrondje met behulp van onze Trottergids en een prachtig kaartje, gisteren bij de VVV gekregen. Achterlangs het centrum van Sălişte rijden we naar Gales. We stijgen rustig maar gestaag. Dit is de opmaat naar de Transalpina. De route over de Karpaten. De hoogste passen zijn nog gesloten hoorden we gister. Er is van alles te zien. De mooie open kapelletjes, de huizen. De bewoners groeten ons open en vriendelijk.

          

           

De lintbebouwing gaat vanzelf over  in het wat grotere Tilisca. Ook dit is een mooi boerendorp. Langgerekt, een oude kerk. Vlakbij gluren we even binnen bij het piepkleine gesloten etnografisch museum. Authentieke huizen, zowel herdershuizen van sparrenhout als de 'Duitse' huizen van de voorheen Saksische immigranten. Eigenlijk meer uit Luxemburg/Elzas, die zich hier zo rond de 12e eeuw ter verdediging tegen Ottomanen en Tartaren vestigden.

      

In Gales volgen we een verwijzing naar de resten van een Dacische nederzetting. Daarvoor moeten we te voet verder een grasheuvel op. Leen klimt een stukje, maar komt algauw terug. Te ver.

Ik vind het beneden al machtig interessant. Een waterpomp met wiel in een houten ombouw. Een paar mannen bezig aan een houten kar achter een trekker. Even later racet de boer met  kar verder de heuvel op.

Vlakbij zie ik een vrouwtje wol twijnen. De haspel staat erbij. Ze vindt het prachtig als ik bij haar stop en wil graag op de foto. Leen neemt ons samen. Het resultaat wil ze wel bekijken, ze blijft giechelen. Ze weet me wel duidelijk te maken dat de wol door haar gesponnen is en dat ze nog meer heeft, evt ook te koop. Vrolijk zwaait ze ons na.

Daarna begint een lange gestage klim boven de rivier en door bos.

Voor het plaatsje Rod bereiken we een voorlopig hoogste punt. Zo mooi! Bij een bushalte staat een prachtige jonge vrouw in traditionele kledij met man en kindertjes even netjes, maar modern gekleed. Ze verdwijnt zwierig achter de bushalte. Foto niet gelukt.

Nog een km of zes stijgen tot Poiana Sibiului, waar we een schitterend zicht hebben op een kerk omgeven door graven. Het dorp ligt eigenlijk op 2 heuvelruggen.

          

            

Tot het volgende dorp donderen we  naar beneden. Eerst 20 km stijgen, nu 10 km dalen. Dôbarca valt een beetje uit de toon. Het doet smoezelig en verwaarloosd aan. Ook de kerk ziet er gammel uit. Heel veel mensen buiten. Mannen zitten samen. Moeders hebben hun kinderen uit school gehaald. Veel Romabevolking hier, die ons overigens ook zeer vriendelijk groeten. Het lijkt wel of de helft van de Saksische huizen leeg staan en langzamerhand instorten. Ook de wel bewoonde huizen zijn niet allemaal evengoed onderhouden. Ik lees in Trotter dat na de omwenteling veel van de oorspronkelijk Duitse bevolking is teruggekeerd naar Dld. De Roemeense regering heeft wat van die verlaten huizen aan Roma gezinnen gegeven. Misschien is dat hier het geval?

        

Van Dôbarca tot het grote dorp Miercurea Sibiului dalen we nog steeds, maar niet zo heftig meer. Dit Saksische dorp doorkruisten we met de camper en vonden we bij doorrijden al meer origineel dan Sebeş. Nu lunchen we op het plein met zicht op de bijzondere 12e eeuwse Weerkerk. Een gefortificeerde kerk. Nodig in die tijd. Zie boven. We fietsen er omheen. Echt uniek dit exemplaar.

        

Het dorp Apoldu de Jos is weer keurig. We rijden in een dal onder de autobaan door. Hier wordt de route halfverhard. Het is er wel heel rustig.

 Ook Amnas, het laatste dorp vandaag, oogt keurig en bedaagd. Het venijn zit weer eens in de staart. De laatste, voor ons onverwacht steile helling is heftig voor Leen. De accu van zijn fiets raakt aardig leeg. Dat is buffelen op halve kracht. We hadden  eerder moeten wisselen. Nu doen we het halverwege de helling alsnog. Mij trekt ie nog aardig omhoog.

Terug in Sălişte slaan we flink groente in bij het marktkraam. Het staat daar alle dagen zagen we eerder. Het leven is best duur in Roemenië merken we. Oa groente en diesel. Moeilijk om rond te komen denken wij als je inkomen daar niet mee parallel loopt.

        

Bij Casa R&E zijn we nog steeds de enige gasten. Voor ons is het een heerlijke plek om in de relaxstand te gaan na 58 km prachtig interessant heuvelend fietsen. Wat een fascinerende mix van oude en nieuwe tijden!

                             

Donderdag 26 april, Casa R&E, Sălişte, Roemenië.

Het was best een inspannend dagje gisteren. Toch willen we graag ook de andere kant op fietsen. We doen rustig aan en gaan niet voor de grote ronde met stadsbezoek aan Sibiu, besluiten we. Zo fietsen we door het dal van de Cibin via Vale naar Sibiel op 4 km. Prachtig landschap. De weg licht heuvelend.

           

Sibiel blijkt een mooi dorp aan het snelstromende riviertje. In het weegbrughuisje  is een klein museum gevestigd. De deur staat op een kier. Wat leuk!

            

         

Even verder staat de kerk in de steigers. Bouwvakkers zijn er bezig. De fresco's kunnen we niet bezichtigen. Ernaast het parochiale museum, bijzonder vanwege  iconen achter glas en een collectie beschilderde paaseieren volgens Trotter. Na 10en zou het open moeten zijn, maar helaas...

       

Verder langs de rivier naar het volgende dorp. Halverwege zien we de torentjes van een klooster tussen  het groen uitpiepen. Het hek staat uitnodigend open. Boven worden we vriendelijk welkom geheten door een jonge non. Mooi de moderne fresco's. De non heeft handelsgeest en vraagt of we wat willen kopen uit het winkeltje. We schaffen enkele parafernalia aan. Wachtend op het wisselgeld wat door een andere non gebracht wordt vertelt ze in goed Engels dat het klooster is opgericht na de revolutie. Het bestaat nu 20 jaar. Er wonen slechts 6 nonnen, waarvan ook minstens 1 hoogbejaard. Het is veel werk, want ze onderhouden zelf de gebouwen en de tuinen.

            

            

Orlat is weer een langgerekt dorp. Het is er markt. We fietsen er even langs. Simpel.

          

3 km verder bereiken we het ook alweer lintdorp Gura Râului. Paard en wagen wordt in deze streek nog veelvuldig gebruikt zagen we gisteren al, maar hier in het zijdal tegen de bergrug aan is het schering en inslag. Ook dit is een mooi dorp met 'Saksische' huizen. Soms beschilderd met bloemmotieven.

             

          

We klimmen nog een stukje verder tot het stuwmeer.  De weg wordt slechter. Dit is natuurpark. Boven bij de dam hebben we precies 20 km gefietst. We vinden het genoeg en draaien om. Bij een kantonniershuisje staat een grote picknicktafel. Daar pauzeren we, want eethuisjes zijn hier dun gezaaid.

             

Precies dezelfde weg terug hebben we  heel andere uitzichten en valt ons oog ook op  andere zaken.

       

            

In Sibiel kan ik nu net voor de middagsluiting naar binnen bij het parochiaal museum. 600 naïeve iconen op glas geschilderd en een collectie beschilderde eieren moet ik in 7 minuten bezichtigen. Fotograferen mag niet, tenzij je nog eens 3x de toegangsprijs van 5 Lei = € 1,25 betaalt. Dat vind ik altijd van die onzinnige regels. Daar word ik rebels van. Met mijn telefoon neem ik toch een fotootje en koop ook nog een ansicht bij vertrek. Het is veel op een kleine ruimte en de tijd tekort, dus echt aandacht kan ik niet schenken aan de soms best aparte stukken. Voor Leen gunstig, die wacht buiten op me.

De luiken van het souvenirwinkeltje tegenover zijn nu open, maar de deur dicht.

Nog even doorfietsen. Het laatste stukje omlaag en we zijn weer al bij de Casa. De was binnenhalen,  een poosje zonnekloppen. Dan bewolkt het, rommelt het in de verte en vallen er een paar druppels. We maken ons vertrekklaar. Morgen verder.

              

Vrijdag koningsdag 27 april 2018, Camping Vampire 74 Lei, € 15,85, Bran, Roemenië.

We hebben het naar ons zin gehad bij Casa Rudi & Ella. Het is een fijne gastvrije plaats. Op 25 km willen we het Saksische Sibiu bezoeken. Het wordt wel het mooiste stadje van Roemenië genoemd.

Het is er echter overdruk. De ingetoetste P geeft met een rood kruis vol aan. We draaien een extra rondje, maar nergens is plaats. Om vandaag ver te lopen trekt ons  niet. We besluiten al snel er een rijdag van te maken. De camping in zigeunerdorp Carta ten oosten van Sibiu rijden we ook voorbij.

             

De doorgaande weg is druk, ook met trucks. Het wegdek niet altijd even goed. Op een gegeven moment klappen we iets te hard over een ongelijke spoorovergang. De kopjes maken een salto in de kast. Later blijken onze eitjes in de koelkast stuk.

         

Nog geen snelweg hier, dus rijden we door de dorpjes en dat geeft altijd wat te zien. O.a. ook een paar prachtig geklede kleurige dames tussen de soberder geklede dorpelingen.

          

Het stadje Făgăras biedt een aantal kerktorens, waaronder een blinkend gouden exemplaar. De (verstevigde) weerkerk, zien we niet. Mooi stadje.

           

Mooie omgeving ook, vooral zodra we de 1 verlaten voor een binnendoortje via de  73A tot Bran, onze eindbestemming. De wegkwaliteit is belabberd. De kopjes rammelen alweer. Het lukt niet altijd de soms diepe gaten te ontwijken. Het landschap daarentegen steeds fantastischer. De bergen hoger. Het rivierdal nauwer.

           

          

Vlak voor Bran komen we weer op doorgaande route, de E574. Bran is een drukke plaats. Bekend om hét middeleeuwse kasteel van Transsylvanië, tegenwoordig supertoeristisch Dracula kasteel, omdat Vlad Tepeş, een wrede krijgsheer model stond voor Bram Stokers Dracula. In dit kasteel heeft hij hooguit een paar keer gelogeerd en een vampier was hij al helemaal niet. Toch is dat hier slim uitgebuit en big business. Op de camping krijgen we dan ook een toeristshock. We staan hier niet alleen, maar met wel 10 caravans, campers en tenten Dld, Ro en wij Nl.  Het zal ook wel komen doordat de Roemenen aan het begin van een lang 1 mei weekend staan.

Na een uurtje relaxen wandelen we de anderhalve kilometer naar het kasteel. Dat ziet er van buiten inderdaad prachtig uit.

         

Naar het park beginnen  de kitchkraampjes al met draculagedoe en made in China souvenirs. We vinden de toegangsprijs van € 10 veel te hoog en dwalen verder.

Hier is het eigenlijk heel leuk. Pas later komen we erachter dat we op een tijdelijke ambachtenmarkt terecht zijn gekomen met Roemeense muziek en handgemaakte artikelen.

            

Het blijkt ook nog op het terrein van een klein openluchtmuseum te zijn. We mogen nergens binnen, maar dat deert ons niet. Leen koopt bij een kraam een stel schoenen, fabricat in Bucovina, made in Romania. Hoe tof is dat!

         

Terug op de camping is het de hoogste tijd voor Koningsdag. De lelietjes van dalen, gekregen van oma bij Casa R&E op tafel en een roseetje uit hun kelder, dat eruit ziet als een oranjebittertje, maar veel lekkerder. Proost!

                  

                   

              

                     

Zaterdag 28 april 2018, Camping Vampire, Bran, Roemenië.

Omdat we gisteren niet het mooie centrum van Sibiu konden bezoeken, bussen we vandaag in een oude vieze bus, zonder uitzicht vanwege bruin doorlopen ramen, naar het meer grootsteedse Saksische Braşov (Kronstadt).  

Volgens Trotter toch met een elegant middeleeuws centrum. Gezellig en bijna  vastgeroest in het verleden, zegt deze gids  verder. Dat is echter  lang niet meer zo. Auto's scheuren in flinke vaart langs het grote plein, dat we na 3 kwartier bussen, een dik half uur tippelen en zoeken bereiken. Eerst maar thoffie op het terras van een trendy zaakje op de rand van het park bij oa het raadhuis en postkantoor .

         

Door het park verder. Imposante gebouwen, oa het etnografisch museum en de middeleeuwse citadel op de heuvel.

           

              

Het blijft moeilijk om ons te oriënteren. We nemen het moois en de drukte in ons op en laten de beschreven wandeling voor wat ie is. Zo komen we van de Bulevardul Eroilor via de iets minder drukke Strada Mureşenilor (allebei met imposante gebouwen) in - hèhè - voetgangersgebied.

Een ruim plein achter de zgn Zwarte Kerk (door een brand gerookt interieur). Het is gezellig op het plein omringd alweer door mooie panden. Terrassen, spelende kinderen en meer.

Een rondje om de kerk maakt ons duidelijk dat we in de rij moeten om de kerk binnen te bekijken, bovendien wordt toegang gevraagd. Doen we niet.

Verder zuid naar de Porta Schei. Door deze poort bereiken we de gelijknamige oude wijk. Hier vinden we eindelijk een echte touristinfo verstopt. Nou ja het is nog wennen. VVVs bestaan nog maar een paar jaar vertelde de aardige Carmen in Alba ons. Deze wordt bovendien bemand door een bitse Frau Ostblock, die liefst zo min mogelijk info geeft en not amused is als ik de Engelstalige mevr., die ze net afgepoeierd heeft, dan zelf maar wat simpele info geef voor haar trip verder door Roemenië, zover dat mij reikt natuurlijk. Gelukkig leidt Leen haar af en verovert in ieder geval een plattegrond van de stad.

Even verder de Orthodoxe kerk, waar ik ook meteen boos tegengehouden wordt. No foto's.  Dat had ik al gelezen, dus deze keer was ik echt mijn handen in onschuld. Die laat ik zien ook. Bij de gratie Gods mag ik dan toch even kijken, terwijl de suppoost in mijn nek hijgt. Klaar om me te betrappen. Stelt nog niet veel voor ook. Gauw weer buiten. Daar heeft Leen ondertussen een foto van een muurschildering genomen. Geef mij de lieve nonnetjes en vriendelijke monniken van de kloosters maar.

          

We lopen terug tot de synagoge. Het mooie complex inclusief kosjer restaurant gesloten vanwege de sabbat. Daar had ik wel willen eten. Erg jammer. We lopen nu een stukje langs de stadsmuur en nemen een kijkje bij één  van de bastions. We komen tot de binnenplaats met houten galerijen. Verder lukt niet, want daar is de  ticketbalie en zo gek weer, 5x zo duur als je foto's wilt maken. Nog hoger op de heuvel de resten van een citadel.

         

Wij hebben inmiddels flinke honger en keren terug naar het gezellige (behalve  brutaal bedelende zigeunerkinderen) voetgangersgebied. Vanmorgen zagen we al een aardig eethuisje net buiten de horecastraat en daar komen we nu terecht. Simpel, gezond en heerlijk. Verderop nog een mente-ijsje. We zijn voldaan en klaar voor de etappe naar het busstation.

      

Daar hebben we mazzel. De bus naar Bran rijdt vrijwel direct voor. Snikheet binnen, maar deze keer een nieuwere bus, terwijl de ramen gewoon doorzichtig zijn.

Moest ik kiezen zou ik een volgende keer toch echt voor Sibiu gaan, maar Braşov was een waardige vervanger.

Terug op de camping worden we vrolijk begroet door mr. Vampire. Zo noemen we de goedlachse en belangstellende beheerder. We rekenen af en  oriënteren ons op de verdere route. Hoogste tijd om (met een boog) richting Bulgarije te gaan. Bukarest laten we links liggen. Even genoeg van hectische steden. De Roemeense hoofdstad schijnt daarvan de max te zijn.

 

verder naar week 18